Tweet02-11-2010 om 10:54 door Wim Ortjens

Een regionale keuken is de vleesgeworden identiteit van haar bewoners. Aan het eind van een geweldige vakantie nemen we een authentiek potje jam, truffels of paté mee, dat we thuis weemoedig leeglepelen bij de centrale verwarming terwijl de herfstregen tegen het venster slaat en in onze linkerooghoek een traantje heimwee welt.
Umbrië, 2009. Met 10 man naar een lokale boerderij/restaurant. Om 8 uur aantreden (geen discussie), een onvoorstelbare hoeveelheid antipasti, primi en secondi (geen menukaart), onbeperkte hoeveelheden wijn (geen sommelier) en na koffie en grappa om middernacht in totaal 150 euro afrekenen (geen rekening, geen computer, geen kassa). Alle producten kwamen van eigen land: vlees, groenten, granen, alles. Behalve de wijn, die was van de buurman.
Zo willen we eten. Zo willen we leven. Zo willen we zijn. Ook in Limburg. De vraag naar streekproducten is groot. Een restaurant als hierboven zou een knaller zijn. Laat het dertig euro per persoon kosten. Of vijftig. Het zou avond aan avond vol zitten.
Maar dan moet het wel kwaliteit brengen, hoe eenvoudig de gerechten ook zijn. En bezieling. En toewijding. En precies daarop gaat het maar al te vaak mis. U kent het wel: die bedacht-authentieke 'herbergen' waar een oergerecht uit grootmoeders tijd met slappe friet 17,50 kost. Waar het personeel, naar schatting gemiddeld een jaar of tien oud, zich in een permanente staat van paniek bevindt om al die bestellingen en al die gasten en meer aandacht heeft voor de computer (die weigert om zich aan de werkelijkheid aan te passen) dan dat ze zich om de mens of het voedsel bekommert. Waar de angst uit de kinderoogjes knalt omdat de boekhouding straks niet klopt. Want dat is de enige drijfveer voor deze toeristenattractie: omzet. En snel een beetje.
Nederland is de relatie tussen de streek en zijn producten kwijt. Speciaalzaken overleven alleen in toeristencentra. Dat zijn ze gedeeltelijk zelf schuld, want ze willen de eigen inwoners niet als klant. De winkel is immers alleen geopend terwijl wij werken, in tegenstelling tot andere Europese landen waar je minstens tot 7 uur boodschappen kunt doen. Noodgedwongen ga je dan maar naar de supermarkt. En ook daar is Schraalhans Keukenmeester, want Appie concurreert met Aldi alleen nog maar op prijs, allang niet meer op kwaliteit. Met als gevolg dat de Nederlander gemiddeld nog maar 2,76 voor een fles wijn wil betalen en 2,75 voor een kilo gehakt. Daar krijg je echt geen Apostelhoeve of vrolijk Limburgs varkentje voor. Gelukkig kunnen wij naar Delhaize in België, waar de verse-visafdeling nog niet is gesneuveld in de race om kostenreductie.
Vorig weekend. Studiereis van de Provincie Limburg naar Piemonte (Regio Turijn). Daar waren ze de weg ook kwijt. Daarom startte hier tien jaar geleden de slow-food beweging, als tegenhanger van de fastfood. Kroonjuweel van deze beweging is de fresh-food-markt 'Eataly'. Tien keer Mosae Gusto en een orgie van smaak, duurzaamheid en kwaliteit, allemaal uit eigen streek. Het seizoen dicteert het aanbod, dus geen aardbeien in december. Het loopt als een tierelier, met als gevolg dat er in het hele land Eataly's worden geopend.
Limburg doet absoluut niet onder voor deze kwaliteit. Fruit, groente, vlees, bier, wijn, brood, vla, stroop, jam, boter; we hebben het allemaal. En we hebben het allemaal duurzaam, van eigen bodem, van hoge kwaliteit, met hart en ziel geproduceerd. Het aanbod is alleen nog te versnipperd, de distributie te kleinschalig en het geheel te weinig herkenbaar bij elkaar gebracht onder een Limburgs label. Dat leren we van Eataly. Zelfstandige producenten, maar wel een verbindend kwaliteits- en marketingconcept. In Piemonte wordt dit verhaal door de eigen bevolking gedragen, en dat is de garantie voor succes. Streekproducten zijn er geen toeristenfuik. Het wordt niet als een losstaande, artificiële attractie gebracht, maar is authentiek. Juist daardoor wordt de regio vanzelf een steeds belangrijkere toeristische bestemming.
Gastronomie is cultuur, zegt professor Bertello. Cultuur is identiteit. Identiteit uitdragen heet branding. Branding leidt tot een sterk imago en daarmee tot het aantrekken en vasthouden van bewoners, bezoekers en bedrijven. Een regio die beweert Kwaliteit Van Leven met hoofdletters te schrijven, kan dat bewijzen met zijn Kwaliteit Van Eten. "Een reden om te verhuizen!" juichte een van de deelnemers aan de studiereis. Voilà.
Wim Ortjens
(Deze column verscheen eveneens in de november-editie van Zuid Magazine)
Foto: Jos Hessels
Reacties
Plaats een reactie
2011
Juni- Mozes in de trein10-06-2011 om 11:59
Februari- Beminde krimpgelovigen,01-02-2011 om 10:03
2010
December- Het I-Woord07-12-2010 om 15:08
November- Ik eet, dus ik besta02-11-2010 om 10:54
Oktober- Onze mannen en vrouwen in openbare dienst11-10-2010 om 14:30
September- Het paradijs Zuid-Limburg08-09-2010 om 12:14
Juni- Het land gaat aan beeldvorming ten onder14-06-2010 om 10:00
Mei- Limburgse media cruciaal in Limburgs denken18-05-2010 om 14:46
- Je hebt blijkbaar geen FC Limburg nodig om een FC Limburg te krijgen04-05-2010 om 13:41
April- Het is binnen Zuid-Limburg in ieders pure eigenbelang om de ander te laten excelleren27-04-2010 om 11:12
- Zuid-Limburg heeft goud in handen, maar verzilvert het nog niet21-04-2010 om 11:39
Dit project is mede mogelijk gemaakt door een bijdrage uit het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling in het kader van OP-Zuid.








03-11-2010 om 00:48
Mooi gesproken, Wim!